Dit ben jij
volgt jou! Dat wil ik niet!
Jij volgt
Jij en zijn buddies
Wil je volgen?
Hieronder zie je de nieuwe versie van ValtAf.nl. Terug naar de oude website.   Meer informatie
Deelnemers Forum Webshop
Inloggen

Macrobiotische voeding

De macrobiotische voeding is gebaseerd op een indeling van voedingsmiddelen op een schaal van ‘yin’ naar ‘yang’. De voorkeur wordt gegeven aan producten die evenwichtig zijn, producten die extreem yin of yang zijn worden vermeden.
In Nederland bestaan sinds 1988 twee stromingen in de macrobiotiek: een klassieke, strenge stroming die wordt gepropageerd door het Kushi Instituut Amsterdam, en een moderne, veel vrijere stroming die is verenigd in de Nederlandse Vereniging voor Macrobiotiek. Deze laatste stroming is ontstaan uit de behoefte om uit de resultaten van een onderzoek bij macrobiotisch gevoede kinderen in Nederland in de leeftijd 0–8 jaar lering te trekken en voedingstekorten in de toekomst te voorkomen.

– Klassieke macrobiotiek volgens Michio Kushi
De basis van de macrobiotische voeding bestaat uit volle granen, hoofdzakelijk rijst. Andere belangrijke maaltijdcomponenten zijn groenten, peulvruchten, gefermenteerde producten (vooral sojaproducten zoals tempé, miso, tamari) en zeewieren. Aanvullende producten die af en toe gebruikt kunnen worden, zijn noten, zaden en vis. Melk (yin), kaas en vlees (yang) worden als onevenwichtig vermeden. Als extreem yin gelden producten zoals aardappelen, tomaten, suiker (ook ongeraffineerde suiker), honing en (sub)tropisch fruit.

– Moderne macrobiotiek
In de moderne macrobiotiek zoals vertegenwoordigd door de Nederlandse Vereniging voor Macrobiotiek zijn bovenstaande richtlijnen aangepast, vooral voor jonge kinderen die de belangrijkste risicogroep voor voedingstekorten vormen. Er worden meer meelspijzen en brood in plaats van volle granen gebruikt, meer vis (ca. driemaal per week) en eventueel ook vlees en gevogelte. Een deel van de aanhangers van de macrobiotiek gebruikt tegenwoordig regelmatig melkproducten in wisselende frequenties (1– 7 dagen per week) en hoeveelheden (150–500 ml/dag).

Achtergrond
De macrobiotiek grijpt terug op oude ervaringskennis afkomstig uit het zenboeddhisme, die door de Japanner George Ohsawa naar het westen is gebracht. Men streeft via de voeding naar een evenwicht tussen twee complementaire krachten, yin en yang genoemd. Deze begrippen stemmen overeen met de natuurwetenschappelijk bekende termen negatief en positief (elektriciteit), vrouwelijk en mannelijk, nacht en dag, koud en warm enzovoort. Deze polariteitgedachte wordt in diverse niet–westerse culturen aangetroffen.
Het streven naar een ‘evenwichtige’ voeding lijkt op de Richtlijnen Goede Voeding van het Voedingscentrum, maar dit begrip wordt in de macrobiotiek anders ingevuld. Voedingsmiddelen worden ingedeeld op een schaal van yin naar yang, waarbij fysische eigenschappen zoals kleur en watergehalte, maar ook de veronderstelde werking op het menselijk organisme een rol spelen. Deze eigenschappen worden door de bewerking zoals koken (gewoon of onder druk), bakken, blancheren, frituren en dergelijke verder beïnvloed.
Als het meest evenwichtig worden volle granen (vooral rijst) beschouwd, die dan ook de basis van de macrobiotische voeding vormen. Dierlijke voedingsmiddelen worden als ongunstiger beschouwd naarmate zij in de evolutie dichter bij de mens staan. Vandaar dat vis acceptabeler is dan vlees en melkproducten van zoogdieren.
In de macrobiotiek wordt aan de voeding ook een medische waarde toegekend, zowel in de preventie als in de behandeling van ziekten.

Gunstige gezondheidsaspecten

Een macrobiotische voeding bevat een (zeer) laag vetgehalte met een gunstige verhouding tussen onverzadigd en verzadigd vet. De groentenconsumptie is relatief hoog doordat vaak meerdere warme maaltijden per dag worden gegeten. Beide aspecten kunnen een bijdrage leveren aan de preventie van onder meer hart– en vaatziekten.

Gezondheidsrisico's
Tegenover de gunstige aspecten staan aanzienlijke risico's voor voedingstekorten, die groter zijn dan bij de eerder genoemde richtingen. Als melkproducten worden uitgesloten bestaat een grote kans op tekort aan calcium wat kan leiden tot rachitis en zwak tandglazuur, en kan bijdragen tot het ontstaan van osteoporose. Als geen vis en ook geen vlees gegeten wordt, kan een tekort ontstaan aan vitamine B12 en ijzer. Bij consumptie van grotendeels volle granen kunnen, vooral bij kinderen, door een teveel aan vezel darmproblemen ontstaan (mager, diarree, opgezwollen buik, buikpijn), hetgeen de opname van diverse spoorelementen nadelig kan beïnvloeden. In combinatie met te weinig vet en dierlijk eiwit in de voeding kan dit leiden tot groeivertraging, spierzwakte (dystrofie), sterke vermagering en bij jonge kinderen vertraagde ontwikkeling van de grove motoriek. Tekort aan vitamine D kan ontstaan indien geen supplement wordt gebruikt en er niet zeer regelmatig (ca. driemaal per week) vette vis wordt gegeten.

Nog geen lid?

Meld je nu gratis aan om ook af te vallen of om onze afvallers bij te staan

9 volgers